Thuisbatterij verkopen: wanneer het wél en niet loont
Wanneer loont een thuisbatterij voor je klant en wanneer niet? Zo maak je er na het einde van saldering een eerlijk aanbod van, voor installateurs.
K
Knippie
Redactie ·
Veelgestelde vragen
Over de auteur
K
Knippie
Redactie
Werkt bij Knippie aan software voor installatiebedrijven en spreekt wekelijks ondernemers uit de branche. Klopt er iets niet, of mis je context uit de praktijk? Laat het weten, we werken artikelen bij zodra de regels of de markt veranderen.
Een thuisbatterij loont vooral voor de klant die nu een groot deel van zijn zonnestroom teruglevert aan het net, en veel minder voor de klant die het meeste al zelf verbruikt. Dat is de kern van je nieuwe verkoopgesprek. Zolang saldering bestaat is een teruggeleverde kWh net zoveel waard als een afgenomen kWh, en dan doet een batterij commercieel weinig. Maar met het einde van de salderingsregeling per 1 januari 2027 valt die gelijkheid weg: teruggeleverde stroom levert dan nog maar een fractie op, terwijl een zelf verbruikte kWh zijn volle waarde houdt. Een batterij verdient zichzelf terug door precies dat gat te dichten, en hoe groter de teruglevering van je klant, hoe eerder dat gebeurt.
Dit stuk gaat niet over de regels zelf (die staan in het stuk over het einde van saldering), maar over hoe je er een eerlijk aanbod van maakt: wanneer je een batterij wél adviseert, wanneer je er eerlijk van afraadt, en hoe je hem in offerte brengt zonder een rendement te beloven dat je niet kunt waarmaken.
Praktisch betekent dat: de klant heeft het gelezen, de buurman heeft er een, en hij verwacht dat jij er iets zinnigs over zegt. Zeg je "ja hoor, kan ik erbij leveren" zonder verhaal, dan wordt het een prijsvergelijking. Zeg je "dat hangt van jouw situatie af, laten we het uitrekenen", dan verkoop je advies in plaats van een doos, en dat gesprek win je bijna altijd.
Wanneer loont het wel en wanneer niet
De hele afweging draait om één getal dat niemand op de gevel heeft staan: hoeveel van de opwek blijft binnenshuis. Dat heet je eigen verbruik, en het bepaalt de business case veel sterker dan het aantal panelen of het merk batterij. De logica is simpel. Een batterij verplaatst kWh's die anders het net op zouden gaan (lage terugleverwaarde) naar een moment dat de klant ze zelf gebruikt (volle afnamewaarde). Wat de batterij per jaar opbrengt, is dus ongeveer het aantal kWh dat je zo verschuift, maal het prijsverschil tussen afnemen en terugleveren.
Daaruit volgt vanzelf voor wie het loont en voor wie niet:
Klantprofiel
Eigen verbruik nu
Batterij ná 2027
Tweeverdieners, overdag weg
Laag
Grootste winst: veel teruglevering wordt eigen verbruik
Gezin thuis, warmtepomp of auto die overdag laadt
Hoog
Kleinere winst: veel opwek blijft al binnen
Klein dak, weinig opwek
n.v.t.
Zelden rendabel: te weinig om te verschuiven
Groot dak, hoog verbruik, dynamisch contract
Middel
Vaak de sterkste case, zeker met sturing
Kort samengevat
Een batterij verdient het meest voor wie nu veel teruglevert en dat na 2027 dus grotendeels aan waarde verliest. Wie zijn opwek al binnenshuis houdt, heeft weinig te verschuiven en dus een zwakke business case. Reken het per klant door, niet met een gemiddelde.
Merk op dat het profiel met een hoog eigen verbruik niet betekent "geen batterij", maar "kleinere winst uit de batterij". Voor die klant zit de waarde van de zonnepanelen zelf juist goed, want zijn kWh's bereiken het net nauwelijks. De batterij voegt er dan relatief weinig aan toe, en dat mag je gewoon zeggen. Een installateur die eerlijk "voor jou levert dit weinig op" durft te zeggen, verkoopt de volgende keer wél.
Wat een batterij kost en wat je niet mag beloven
Voor de kosten kun je met marktcijfers werken, zolang je ze presenteert als marktcijfers en niet als jouw belofte. Marktoverzichten uit 2026 rekenen grofweg met 600 tot 700 euro per kWh bruikbare capaciteit inclusief installatie en btw, dus ongeveer 6.000 tot 7.000 euro voor een gangbaar systeem van 10 kWh. De genoemde terugverdientijden lopen sterk uiteen, van ongeveer 6 tot 12 jaar, afhankelijk van verbruiksprofiel, contract en sturing. Die spreiding is geen slordigheid van de bronnen; ze komt doordat de uitkomst per huishouden echt zo veel verschilt. Dat is precies waarom je één landelijk terugverdiengetal niet in je offerte moet overnemen.
Het rekenmodel dat je wél kunt gebruiken, laat de klant zijn eigen getallen invullen. Label het uitdrukkelijk als voorbeeld en vul niets in wat je niet kunt onderbouwen:
Verschoven stroom per jaar: S kWh (het deel van de teruglevering dat de batterij opvangt en de klant later zelf gebruikt)
Afnameprijs: € A per kWh volgens het contract van de klant, inclusief belastingen
Terugleververgoeding vanaf 2027: € B per kWh volgens datzelfde contract
Batterijprijs inclusief installatie: € P
De jaarlijkse besparing is dan ongeveer S × (A − B). De ruwe terugverdientijd is P gedeeld door die besparing. Vóór 2027 is B in de praktijk gelijk aan A, dus is A − B bijna nul en levert de batterij vrijwel niets op. Vanaf 1 januari 2027 loopt A − B uiteen en ontstaat de besparing. Dat maakt in één formule zichtbaar waarom de batterij nu pas interessant wordt.
Wees eerlijk over wat de formule niet meeneemt. Een batterij verliest bij elke laad- en ontlaadronde een deel van de energie (grofweg 10 tot 15%), zodat de werkelijk verschoven S iets lager ligt dan de opgeslagen hoeveelheid. De capaciteit neemt langzaam af over de jaren. En sommige leveranciers rekenen terugleverkosten of een vast bedrag, wat B verder drukt. Neem die posten als aanname mee of benoem ze, in plaats van ze weg te laten om het plaatje mooier te maken.
Verandert een dynamisch contract het plaatje
Ja, in de goede richting, maar hoeveel precies is onzeker, en die eerlijkheid is verkoopwaarde. Met een dynamisch energiecontract en een sturingssysteem (een HEMS) doet de batterij meer dan alleen eigen verbruik verschuiven: hij kan laden als de stroomprijs laag is en ontladen of leveren als die hoog is. Aanbieders en vergelijkers wijzen erop dat dit de opbrengst flink kan vergroten ten opzichte van alleen zelfverbruik.
Maar de omvang van dat voordeel hangt af van dingen die jij in de offerte niet vastlegt: welk merk batterij het is en of dat samenwerkt met het energieplatform van de klant, hoe sterk de prijzen dat jaar schommelen, en of de klant überhaupt op een dynamisch contract wil. Behandel de handelsopbrengst daarom als een mogelijkheid bovenop de basisbesparing, niet als een tweede vast bedrag dat je erbij optelt. Een zin als "met een dynamisch contract en sturing kan hier extra opbrengst bijkomen, afhankelijk van de marktprijzen" is verdedigbaar. Een concreet bedrag per jaar is dat niet.
Zo maak je er een eerlijk aanbod van
Van verbruiksprofiel naar een offerte die standhoudt
1
Begin bij het verbruiksprofiel, niet bij de batterij
Vraag hoe het huishouden de dag doorkomt: overdag thuis of weg, warmtepomp, elektrisch koken, een auto en wanneer die laadt. Daaruit volgt of er veel teruglevering is om te verschuiven. Zonder dat gesprek verkoop je een doos in plaats van een oplossing.
2
Reken met twee prijzen, niet één
De volle afnameprijs voor wat de klant zelf verbruikt, en de lagere terugleververgoeding voor wat het net op gaat vanaf 2027. Het verschil tussen die twee is waar de batterij zijn geld verdient.
3
Label elk bedrag als aanname
Wat je intern regelt vóór de piek
De aanvraagpiek voor batterijen loopt richting eind 2026, simpelweg omdat de deadline dan in het nieuws staat. Je rekenmodel en je offertesjabloon moeten er dus nú staan, niet in november. Leg vast hoe je verkopers eigen verbruik inschatten, zodat er geen onvergelijkbare offertes bij dezelfde klant op tafel komen. Neem de twee-prijzen-structuur op in je standaardtekst. En voeg de Energieleveren.nl-registratie toe aan je opleveringschecklist, zodat het niet aan de monteur op de dag zelf hangt.
Houd er tot slot rekening mee dat er voor thuisbatterij-installatie nog geen bindende NEN-norm is. Wie het werk goed en aantoonbaar doet, zit daar voorlopig zelf achter het stuur, inclusief de vraag hoe je dat richting verzekeraars vastlegt.
Werk je met vaste offertesjablonen, dan is dit vooral een kwestie van je aannames één keer goed instellen. In Knippie leg je zulke rekenregels en standaardteksten centraal vast, zodat elke batterij-offerte die het bedrijf uitgaat met dezelfde uitgangspunten en dezelfde eerlijke bandbreedte werkt.
Laatst bijgewerkt:
Prijzen, terugverdientijden en regels rond teruglevering en registratie veranderen regelmatig. De genoemde bedragen en terugverdientijden zijn marktschattingen uit 2026, geen belofte voor een specifieke klant. Controleer de actuele stand bij de leverancier van je klant en reken de business case per situatie door voordat je cijfers in een offerte overneemt.
Aangenomen verschoven kWh, aangenomen afnameprijs, aangenomen terugleververgoeding, aangenomen batterijprijs. Verwijs voor de tarieven naar het contract van de klant, niet naar een gemiddelde. Zo is elk getal herleidbaar.
4
Bied een bandbreedte, geen belofte
Geef een terugverdientijd van tot, met een voorzichtig en een gunstig scenario, en houd rekening met rendementsverlies en degradatie. Een bandbreedte oogt eerlijker en is makkelijker te verdedigen aan de keukentafel dan één te mooi getal.
5
Zet registratie en contract in de offerte
Vanaf 0,8 kW vermogen moet de batterij via Energieleveren.nl worden geregistreerd; zet erin wie dat doet. Wijs de klant erop dat de terugleververgoeding en eventuele terugleverkosten per leverancier verschillen en binnen zijn contract kunnen wijzigen.